Lieslaarzen aan. Reddingsvest om.
Camera om mijn nek.
Het water was spiegelglad. Geen zuchtje wind. Voor mij ongekend op het wad.
Werner van de Oesterfabriek neemt je niet zomaar mee op excursie, hij neemt je echt mee. De boot uit, het wad op. Tussen de kokkels, de krabben, het zeewier. Alles leeft hier. Je hoort het: waterfilterend, sissend, luchtbellen verplaatsend.
Hij vertelt van begin tot eind. Over de oester die groeit, de stroming die het werk doet, hoe ze plukken bij -10 en bij +30. Antwoord op elke vraag. Vol energie, elk keer weer.

We plukken zelf. Ik ga voor maatje 3. Zo zacht, vol van smaak. Het bubbeltje erbij doet het natuurlijk ook goed. Mensen die mij kennen snappen dat.
Dan de kokkels. Werner opent er een: kijk, dit noemen we een meeuwenkop. Witte kop, gele snavel. Die mag je eraf bijten. Voelde een beetje gek. Ik kon geen nee zeggen. Wat een smaak, zo zoet, temidden van het zilte.

Daarna de fabriek in. Kokkels en mosselen, plukbrood, zeekraalboter.
En daarna de tuin, een glas wijn, en de dag laten bezinken.
Dit raden wij altijd aan.
Ik zeg: Doen!
West-Terschelling · De Oesterfabriek Terschelling